De gemiddelde prijs van een bestaande koopwoning bedraagt momenteel 493.875 euro. Dat is een stijging van 5,4 procent ten opzichte van vorig jaar, zo melden statistiekbureau CBS en het Kadaster maandag. Ten opzichte van december gingen de prijzen gemiddeld met 1,2 procent omhoog.
"De prijsstijging heeft vooral te maken met de krapte op de woningmarkt. Er is veel vraag en weinig aanbod, en deze trend zet door. Dat zien we overal in het land", zegt CBS-econoom Marjolijn Jaarsma.
Door de krapte op de huizenmarkt is het voor veel mensen al langer erg moeilijk om aan een nieuwe woning te komen. De huizenprijzen zijn flink gestegen en huizenzoekers bieden vaak flink boven de vraagprijs.
Bovendien zijn er in ons land vorig jaar opnieuw minder woningen gebouwd dan gepland. Daarmee blijft de woningbouw achterlopen op de plannen van het demissionaire kabinet. Het is het derde jaar op rij dat de woningbouw achterblijft.
Volgens het CBS werden er vorig jaar bijna 80.000 woningen opgeleverd. In 2024 waren dat er nog 82.000, terwijl het doel is om 100.000 nieuwe woningen per jaar te bouwen.
"Het lage aanbod blijft een groot probleem", zegt econoom Jan-Paul van de Kerke van ABN AMRO. "Daar komt bij dat de koopkracht van huishoudens toeneemt, waardoor zij een hogere hypotheek kunnen krijgen. Dat leidt tot meer vraag op de woningmarkt."
De prijsstijging van bestaande koopwoningen gaat wel minder hard en is voor de tiende maand op rij afgevlakt. "Dat heeft vooral te maken met de lichte stijging van de hypotheekrente", aldus Van de Kerke.
CBS-econoom Jaarsma spreekt van een klein dipje. "Maar op een gegeven moment is de top wel bereikt."



