Nieuws

Jongeren kopen minder vaak een huis, maar hebben later juist meer vermogen

Jongere generaties hebben op dezelfde leeftijd meestal meer koopkracht en vermogen dan hun voorgangers. Toch loopt generatie Z als jonge twintiger achter met het kopen van een huis.

Jongeren kopen minder vaak een huis, maar hebben later juist meer vermogen

Het beeld dat oudere generaties financieel beter af zijn dan jongeren gaat lang niet altijd op, blijkt uit cijfers van statistiekbureau CBS. Op vrijwel iedere leeftijd hebben jongere generaties juist meer koopkracht dan hun voorgangers: ze hebben meer besteedbaar inkomen voor hun dagelijkse uitgaven. Ook hun vermogen is meestal groter.

Aan het begin van het volwassen leven is dat anders. Generatie Z (geboren tussen 2000 en 2015) heeft als jonge twintiger minder vaak een eigen woning. De reden daarvoor is volgens het CBS het woningtekort en de voor jongeren vaak te hoge huizenprijzen.

Millennials (geboren tussen 1985 en 2000) en generatie Z hebben tot ongeveer hun dertigste juist minder vermogen opgebouwd dan eerdere generaties op dezelfde leeftijd. Daarnaast studeren zij langer, waardoor hun koopkracht tot ongeveer hun 25e lager ligt.

Daarna verandert het beeld. Millennials zagen hun vermogen als dertiger juist veel sterker groeien dan oudere generaties toen die dertig waren. Een belangrijke oorzaak is de stijging van de huizenprijzen vanaf 2014. Wie al een huis had, zag daardoor het vermogen op papier toenemen. Zonder de eigen woning mee te tellen, zijn de verschillen in vermogen tussen generaties kleiner.

Millennials met eigen huis profiteren van hogere huizenprijzen

Dat voordeel gold dus niet alleen voor oudere huiseigenaren. Ook millennials die erin slaagden een woning te kopen, profiteerden van hogere huizenprijzen. Voor jongeren die nog geen huis hadden, maakten diezelfde prijsstijgingen de stap naar een koopwoning juist moeilijker.

De generatie die het vaakst een huis bezat, zijn de zogenoemde pragmaten (geboren tussen 1970 en 1985). Tussen hun 25e en 45e hadden zij vaker een koopwoning dan zowel generatie X (geboren tussen 1955 en 1970) als de millennials. Op 39-jarige leeftijd had 72 procent van de pragmaten een eigen woning, tegenover ongeveer 65 procent van de twee andere generaties.

Jongere generaties hebben daarnaast meer koopkracht doordat huishoudens vaker uit tweeverdieners bestaan. Vooral vrouwen zijn vaker en meer gaan werken. Daardoor steeg het huishoudinkomen van jongere generaties sterker dan dat van onder meer de babyboomers (geboren tussen 1945 en 1955). Minder weergeven

‍

Meer posts

Nederlandse huizenprijzen minder hard omhoog dan elders in Europa
De stijging van de huizenprijzen in Nederland is teruggevallen onder het Europees gemiddelde. In 19 van de 27 lidstaten van de EU gingen de prijzen harder omhoog, blijkt uit cijfers van het CBS en Eurostat. Tegelijk is de verkoop van nieuwe koopwoningen verder gedaald.
Lees meer
Verkoop van nieuwbouwwoningen daalt voor vierde kwartaal op rij
Het aantal verkochte nieuwbouwwoningen in Nederland blijft gestaag afnemen. In het tweede kwartaal van 2026 werden bijna 5.700 nieuwbouwwoningen verkocht, een daling van 11,2 procent vergeleken met dezelfde periode vorig jaar.
Lees meer
Ook ABN AMRO verwacht dat huizenmarkt volgend jaar afkoelt
De huizenmarkt koelt volgend jaar sterker af dan verwacht, meldt ABN AMRO. De bank gaat ervan uit dat de huizenprijzen dit jaar met 3,8 procent stijgen en in 2027 met 2,5 procent. Eerder kwam ING al tot dezelfde conclusie.
Lees meer
Hypotheekrente blijft oplopen en zet leencapaciteit huizenkopers onder druk
De gemiddelde tien jaar vaststaande hypotheekrente met Nationale Hypotheekgarantie stijgt naar 4,5 procent. Dat is de hoogste stand van dit jaar. De stijging heeft een directe impact op hoeveel huizenkopers maximaal kunnen lenen.
Lees meer

Met ons in gesprek?